Info patiënten

Beste Bezoeker,

Deze pagina is speciaal opgebouwd om jou, als bezoeker of als patiënt, nuttige info te geven over alles wat draait rond de zwangerschap, de bekkenbodem en al de problemen die dit met zich mee kan brengen.

Hopelijk vind je hier al de info die je nodig hebt, en kan je onder de rubriek ‘zoek een kinesist’, een therapeut bij jou in de buurt vinden. De therapeuten die je in onze verwijslijst terugvindt, zijn gespecialiseerde kinesitherapeuten, die regelmatig bijscholing volgen. Indien er een gouden medaille voor hun naam staat, wil dit zeggen dat zij ook ‘de bijzondere bekwaamheid in de pelvische reëducatie en perinatale kinesitherapie’ bekomen hebben.

Door eenvoudig op de rubrieken hiernaast te klikken, kom je vanzelf bij de info die je zoekt.

Veel leesplezier!

    Info voor vrouwen

    1. Wat is bekkenbodemreëducatie?
    2. Perinatale kinesitherapie
    3. Gynaecologische aandoeningen en chirurgie
    4. Praktische Informatie over het voorschrift

     

    Wat is Bekkenbodemreëducatie of Pelvische Reëducatie?

    Heb je soms moeite om je urine op te houden en geraak je niet op tijd aan het toilet?

    Verlies je wel eens enkele druppels urine bij hoesten en niezen of heffen en tillen?

    Kan je moeilijk een windje ophouden of stoelgang tegenhouden? Of moet je hevig persen om stoelgang te maken?

    Heb je soms pijn tijdens seksuele betrekkingen?

    Heb je soms een zwaar gevoel in de intieme zone en voelt het alsof er iets gezakt is?

    Deze vervelende klachten kunnen wijzen op verzwakte bekkenbodemspieren of een fout gebruik van deze spieren.

    Wat zijn de bekkenbodemspieren?

    De bekkenbodem bestaat uit spieren die liggen tussen het schaambeen en het staartbeen. Ze sluiten het bekken aan de onderkant helemaal af, maar er lopen bij de vrouw wel drie openingen door: de plasbuis, de vagina en de aars.

    Waarvoor dienen ze?

    • Ze bieden steun aan de organen in het bekken. Ze vormen een soort veerkrachtige hangmat voor de ingewanden.
    • Ze dragen bij aan de stabiliteit van het bekken en de wervelkolom.
    • Ze kunnen de urinebuis en de anus openen en sluiten. Door bewust de spieren op te spannen, kunnen we voorkomen dat we ongewenst urine, stoelgang en windjes verliezen (incontinentieproblemen).
    • Ze hebben een rol in de seksuele beleving.

     

    Als er zich een probleem voordoet met deze bekkenbodemspieren spreekt men dus over “bekkenbodemdysfuncties”. Symptomen of klachten die daarbij horen zijn:

    • urineverlies
    • het verlies van stoelgang
    • windjes niet kunnen ophouden
    • moeilijk stoelgang maken (obstipatie)
    • niet te onderdrukken aandrang om te plassen en/of te ontlasten
    • moeite met uitplassen
    • pijn in de onderbuik en/of intieme zone
    • verzakking van blaas, baarmoeder of darmen
    • pijn bij betrekkingen.

     

    Bekkenbodemkinesitherapie of bekkenbodemreëducatie is gericht op een goede beheersing van de bekkenbodem. Samen met een aangepaste houding en leefgewoonten, kan je daarmee bekkenbodemklachten beperken, behandelen of zelfs vermijden. Als je geleerd hebt hoe je de bekkenbodemspieren bewust kan op- en ontspannen, kunnen deze spieren gemakkelijk en regelmatig getraind worden. Het dagelijks uitvoeren van deze eenvoudige oefeningen, kan de kwaliteit van je bekkenbodem op lange termijn bepalen en zo ook op latere leeftijd de kans op bekkenbodemdysfunctie verkleinen.

    Ook voor en na operaties aan blaas, baarmoeder of prostaat is bekkenbodemreëducatie een belangrijk deel van de multidisciplinaire behandeling.

    Risicofactoren

    Tijdens de zwangerschap, na de bevalling, na chirurgische ingrepen en/of na de menopauze en kunnen er zich problemen voordoen t.h.v. de bekkenbodem.  

    Vrouwen, die één of meer kinderen hebben gekregen, hebben later een grotere kans op  problemen met de bekkenbodem, omdat er door de zwangerschap en bevalling een verzwakking kan zijn ontstaan in de bekkenbodem.

    Deze bekkenbodemklachten zijn vervelend en hebben effect op de kwaliteit van leven.

    Meer risico op het krijgen van bekkenbodemproblemen heb je:

    - wanneer je moeder een verzakking heeft

    - na een vaginale bevalling van een baby met een geboortegewicht boven de 4000 gram

    - na een vacuüm- of tangverlossing

    - na een derde of vierde graadsruptuur van de anale sfincter

    - als je rookt

    - als je fysiek zwaar werk hebt

    - als je last hebt van obstipatie

    - als je BMI hoger is dan 30

    Elke verzwakking van de bekkenbodem- en buikspieren vermindert het vermogen om drukverhoging in de buikholte gepast op te vangen waardoor o.a. het sluitingsmechanisme kan falen telkens men lacht, hoest, niest, iets tilt of springt.

    Algemene aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie:

    • urinaire problemen
      • urineverlies: stress-incontinentie, urge-incontinentie, mixed
      • moeilijk kunnen plassen
      • verzakking (prolaps)
      • chirurgische ingreep
    • darmproblemen
      • verlies van stoelgang
      • moeilijk kunnen ophouden van windjes
      • moeilijk stoelgang maken (constipatie)
      • pijnklachten
      • verzakkingen (prolaps)
      • chirurgische ingreep
    • seksuele problemen
      • vaginisme (onmogelijk om betrekkingen te hebben)
      • dyspareunie (pijn tijdens betrekkingen)
      • vestibulitis, vulvodynie

    Kinesitherapeutische behandeling:

    • littekenmassage
    • relaxatie: algemeen en/of specifiek bekkenbodem
    • bekkenbodemspieroefeningen
    • drank- en plasadvies
    • voedingsadvies
    • elektrostimulatie
    • biofeedback
    • ballontherapie
    • houdingscorrectie/core stability training

     

    Perinatale Kinesitherapie

    Prenatale kinesitherapie:

    Tijdens een zwangerschap ondergaat het lichaam van de zwangere vrouw veel veranderingen. Zwangerschapskinesitherapie (prenatale kinesitherapie) helpt je om die veranderingen beter op te vangen en je daarna ook optimaal voor te bereiden op de bevalling. Het gaat hier om veranderingen in houding, soepelheid, evenwicht, stabiliteit, spierkracht, beweeglijkheid, bloedcirculatie, ademhaling en ontspanning.

    Je leert onder meer ook ontspanningsoefeningen, houdingsoefeningen, ademhalingstechnieken en persoefeningen om de baby uit te drijven en tegelijk het bekken, de bekkenbodem en de baby te beschermen tijdens de bevalling.

    Je krijgt informatie over massages, houdingen en allerlei hulpmiddelen. Er wordt extra aandacht besteed aan het oefenen van de bekkenbodemspieren. Deze spieren worden tijdens de zwangerschap zwaar belast en moeten ook daarna opnieuw versterkt worden. Sommige vrouwen hebben tijdens de zwangerschap al af en toe urineverlies of stoelgangsverlies. Andere vrouwen merken dan weer weinig of niets van deze belasting op de bekkenbodemspieren. Maar iedere vrouw heeft er baat bij om ze bewust te oefenen. Daarom is het aan te raden om deze spieren tijdens de zwangerschap al bewust te leren gebruiken. Een verwittigde vrouw is er twee waard… preventie is belangrijk. 

    Veel vrouwen hebben tijdens hun zwangerschap last van klachten van en rond hun bekken en lage rug. Deze klachten staan onder invloed van bewegen en belasting. Vaak verdwijnen deze klachten na de bevalling, maar soms blijven klachten langdurig bestaan. Andere namen voor deze klachten zijn peripartum bekkenpijnsyndroom, zwangerschapgerelateerde lage rug en bekkenklachten,  bekkeninstabiliteit, etc. Postnatale kinesitherapie leert je rekening te houden met de verminderde belastbaarheid van het bekken.

    Tijdens prenatale kinesitherapie wordt er gewerkt aan de volgende doelstellingen:

    • Bewustmaking van lichaamsveranderingen in:
      • houding / core stability
      • ademhaling
      • bekken
      • bekkenbodem
    • Stimuleren van gezonde sportieve activiteiten
    • Voorbereiding tot bevallen
      • uitleg over het verloop van de bevalling
      • ademhalingsoefeningen
      • ontspanningsoefeningen
      • arbeidshoudingen
      • pershoudingen en perstechnieken
    • Behandelen van klachten tijdens de zwangerschap
      • rugklachten en bekkenpijn
      • klachten ter hoogte van de bekkenbodem
      • massage en lymfedrainage bij oedeem van de benen

    Postnatale kinesitherapie:

    De postnatale kinesitherapie in de kraamperiode is gericht op de bewustwording en het versterken van de bekkenbodem-, buik- en bekkengordelspieren om zo een goede stabiliteit en een juiste houding aan te nemen.

    Tijdens de zwangerschap (door het toegenomen gewicht van de baby op de bekkenbodem) en na een (vaginale) bevalling verliest de bekkenbodem aan kracht en uithouding: de spieren zijn vermoeid en uitgerokken en kunnen zelfs gescheurd of ingeknipt zijn. Soms worden de spieren ook niet correct of niet op het goede moment gebruikt. Dit allemaal kan leiden tot urineverlies, stoelgangproblemen, het verlies van stoelgang, windjes niet kunnen ophouden, obstipatie, pijn in de onderbuik, verzakking van de blaas, baarmoeder of darmen en pijn bij betrekkingen.

    Een veel voorkomende klacht tijdens en na de zwangerschap is bijvoorbeeld inspanningsincontinentie. Daarbij verliest de vrouw enkele druppeltjes urine tijdens hoesten, niezen, lachen, tillen en andere activiteiten waarbij de druk in de buikholte toeneemt. Deze bekkenbodemklachten hebben effect op de kwaliteit van leven. Je durft bij voorbeeld niet meer achter je kinderen aan te lopen uit angst om urine te verliezen of eens lekker te dansen op een feestje. Door een goede beheersing van de bekkenbodem, samen met een aangepaste houding en leefgewoonten, kan je dit verlies beperken of zelfs vermijden.

    Kinesitherapeuten, gespecialiseerd in bekkenbodemreëducatie en perinatale kinesitherapie kunnen je gerichte informatie geven over de bekkenbodem en leren je de bekkenbodemspieren juist samen te trekken en te trainen. Meer dan 50% van de vrouwen kunnen de bekkenbodemspieren niet op een juiste manier op en ontspannen. Dit is nochtans eenvoudig aan te leren en is absoluut noodzakelijk om thuis regelmatig verder te oefenen (je mag ze wel 40 tot 60 keer per dag opspannen).

    Het dagelijks uitvoeren van deze eenvoudige oefeningen, kan de kwaliteit van je bekkenbodem op lange termijn bepalen en zo ook op latere leeftijd de kans op incontinentie verkleinen.

    Voel je dus zeker niet beschaamd over deze veel voorkomende klachten, maar spreek erover met je gynaecoloog of bekkenbodemspecialist en oefen je bekkenbodemspieren!

    Ook na 4-6 weken, bij de start van de postnatale intense oefentherapie, blijven de houdings- en stabiliteitsoefeningen tezamen met de bekkenbodemspieroefeningen steeds de basis.

    Tijdens prenatale kinesitherapie wordt er gewerkt aan de volgende doelstellingen:

    • Bekkenbodemreëducatie: sluitfunctie, stabiliserende functie, ondersteunende functie, seksuele functie
    • littekenbehandeling na keizersnede
    • Verstevigen van de buik- rug en bekkengordelspieren
    • Houdingscorrectie
    • controle lichaamsgewicht door voornamelijk conditietraining, voedingsadvies
    • Behandelen van een eventuele diastasis recti (opening tussen de buikspieren)
    • Preventie postnatale klachten

    Met een voorschrift van een arts krijg je enkele sessies perinatale kinesitherapie (pre en postnatale kinesitherapie) terugbetaald. Informeer zeker of de therapeut vertrouwd is met zwangerschapsbegeleiding

     

    Gynaecologische aandoeningen en chirurgie

    Aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie:

    • wegname baarmoeder (hysterectomie) en of eierstokken
    • tumorresectie
    • borstamputatie (mastectomie) met of zonder okseluitruiming
    • borstreconstructie
    • chirurgie na prolaps
    • ...

    Kinesitherapeutische behandeling:

    • lymfedrainage, compressietherapie, zwachtelen, oefentherapie, ...
    • ademhalingsoefeningen
    • houdingscorrectie
    • mobilisatie
    • spierversterkende oefentherapie van buik-, rug en bekkengordelspieren
    • littekenbehandeling
    • Medical taping

     

     

    Praktische Informatie over het voorschrift

    Algemene aandoeningen:

    18 sessies per jaar (code 560011) gevolgd, indien nodig, door:

    Fa-lijst : 60 sessies per jaar bij chirurgie (code 563010)

    Perinatale kinesitherapie:

    9 perinatale sessies (code 561595) bij vaginale bevalling

    Indien nodig, gevolgd door 18 sessies (code 560011) bij bekkenbodemproblematiek, bekkenpijn, ...

    Gynaecologische aandoeningen:

    18 sessies per jaar (code 560011) gevolgd (indien nodig) door:

    Fa-pathologie : 60 sessies per jaar (code 563010) na chirurgie
    Fb-pathologie: oedeem > 5% na chirurgie of radiotherapie (code 563614)
    E-pathologie: oedeem > 10% na chirurgie of radiotherapie (code 560652)

     

     

    Info voor mannen

    1. Wat is bekkenbodemreëducatie?
    2. Aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie
    3. De kinesitherapeutische behandeling
    4. Het voorschrift voor kinesitherapie

     

    Wat is bekkenbodemreëducatie?

    Wat zijn de bekkenbodemspieren?

    De bekkenbodem bestaat uit spieren die liggen tussen het schaambeen en het staartbeen. Ze sluiten het bekken aan de onderkant helemaal af, maar er lopen bij de man wel twee openingen door: de plasbuis en de aars.

    Waarvoor dienen ze?

    • Ze bieden steun aan de organen in het bekken. Ze vormen een soort veerkrachtige hangmat voor de ingewanden.
    • Ze dragen bij aan de stabiliteit van het bekken en de wervelkolom.
    • Ze kunnen de urinebuis en de anus openen en sluiten. Door bewust de spieren op te spannen, kunnen we voorkomen dat we ongewenst urine, stoelgang en windjes verliezen (incontinentieproblemen).
    • Ze hebben een rol in de seksuele beleving.

     

     

     

      Als er zich een probleem voordoet met deze bekkenbodemspieren spreekt men dus over “bekkenbodemdysfuncties”. Symptomen of klachten die daarbij horen zijn:

    • urineverlies
    • het verlies van stoelgang
    • windjes niet kunnen ophouden
    • moeilijk stoelgang maken (obstipatie)
    • niet te onderdrukken aandrang om te plassen en/of te ontlasten
    • moeite met uitplassen
    • pijn in de onderbuik en/of intieme zone
    • verzakking van blaas of darmen
    • pijn bij betrekkingen.
    • Erectiestoornissen
    • Te vroege zaadlozing tijdens seksuele betrekkingen

    Bekkenbodemkinesitherapie of bekkenbodemreëducatie is gericht op een goede beheersing van de bekkenbodem. Samen met een aangepaste houding en leefgewoonten, kan je daarmee bekkenbodemklachten beperken, behandelen of zelfs vermijden. Als je geleerd hebt hoe je de bekkenbodemspieren bewust kan op- en ontspannen, kunnen deze spieren gemakkelijk en regelmatig getraind worden. Het dagelijks uitvoeren van deze eenvoudige oefeningen, kan de kwaliteit van je bekkenbodem op lange termijn bepalen en zo ook op latere leeftijd de kans op bekkenbodemdysfunctie verkleinen.

    Mannen kunnen colo-proctologische, seksuele problemen en/ of urinaire problemen hebben. Het laatste komt vooral voor na het verwijderen van goed of kwaadaardige prostaathypertrofie. Voor en na operaties aan prostaat of de blaas is bekkenbodemreëducatie een belangrijk deel van de multidisciplinaire behandeling.

     

    Aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie:

    Urinaire problemen

    • Urine verlies
    • Moeilijk kunnen plassen
    • Chirurgische ingrepen

    Colo-proctologische problemen

    • Verlies van stoelgang
    • Moeilijk kunnen ophouden van windjes
    • Moeite bij het maken van stoelgang (constipatie)
    • Verzakkingen (prolaps)
    • ano-rectale pijnklachten
    • chirurgische ingrepen

    Seksuele problemen

    • vroegtijdige ejaculatie
    • erectie stoornissen

     

    De kinesitherapeutische behandeling:

    • massage
    • ontspanning algemeen en/of bekkenbodem
    • houdingscorrectie/core stability training
    • bekkenbodemspieroefeningen
    • elektrotherapie
    • biofeedback
    • ballontherapie

     

    Het voorschrift voor kinesitherapie

    18 sessies per jaar (code 560011) gevolgd, indien nodig, door: Fa-lijst : 60 sessies per jaar na chirurgie (code 563010).

    Info voor kinderen

    1. Zindelijkheid
    2. Wat is bekkenbodemreëducatie bij een kind?
    3. Aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie
    4. De kinesitherapeutische behandeling
    5. Het voorschrift voor kinesitherapie

     

    Zindelijkheid

    Zindelijk worden is een leerproces dat meestal vanzelf gaat. Als een kind van vijf jaar of ouder nog regelmatig nat is, regelmatig stoelgang in het ondergoed heeft, regelmatig een blaasontsteking heeft en/of moeizaam kan plassen of kaka kan doen, is het aan te raden om dit eens verder te laten onderzoeken.
    Plas- en stoelgangsproblemen kunnen een sterke invloed hebben op het dagelijkse leven van uw kind en zelfs uw gezin. Blijf er niet mee rondlopen, in veel gevallen is er iets aan te doen.

    Het zindelijk worden (en blijven) voor pipi  en kaka is een ingewikkeld leerproces dat door fysieke, emotionele en relationele factoren gestimuleerd of verstoord kan worden. In principe zal een kind eerst zindelijk worden voor de stoelgang, daarna voor de plas.

    Pipi doen

    De nieren filteren afvalstoffen uit het lichaam en sturen die afvalstoffen via de urineleiders naar de blaas. Veel drinken betekent ook veel plassen. De blaas heeft twee taken; pipi verzamelen en pipi naar buiten duwen. Als de blaas bijna vol is ontstaat plasdrang en wordt het tijd om te gaan plassen. Bij het plassen duwt de blaas de plas naar buiten. De blaas doet dat zelf en heeft daarbij geen hulp nodig. Onder in de blaas begint de plasbuis, die door de bekkenbodemspieren afgesloten kan worden.  
    Tijdens het vullen van de blaas moet de uitgang gesloten blijven. 
    Tijdens het plassen moeten de spieren zich ontspannen, zodat de pipi makkelijk en vlot naar buiten kan stromen. Het leeglopen van de blaas kun je vergelijken met het leeglopen van een ballon.
     

    Kaka doen

    Het voedsel wordt verteert in de maag en de darmen. In de dunne en dikke darm worden alle voedingsstoffen, mineralen en vocht die we nodig hebben opgenomen. Wat overblijft is de stoelgang. De kaka’s worden als vuilzakken afgevoerd en verzameld in het laatste stukje van de darm (de endeldarm). Als de endeldarm vol zit, geeft dit aandrang voor ontlasting. Als het kind kaka wil doen, komt de ontlasting op gang door de bekkenbodemspieren te ontspannen. Normaal maakt een kind 1x per dag of 1x per 2 dagen stoelgang. 
      

    Wat is bekkenbodemreëducatie?

    De bekkenbodemspieren: het afsluitmechanisme

    De bekkenbodem bestaat uit spieren die liggen tussen het schaambeen en het staartbeen. Ze sluiten het bekken aan de onderkant helemaal af. Maar er lopen bij een meisje wel drie openingen door: de plasbuis, de vagina en de aars; en bij een jongen twee openingen: de plasbuis en de aars.

    Waarvoor dienen ze?

    • Ze bieden steun aan de organen in het bekken. Ze vormen een soort veerkrachtige hangmat voor de ingewanden.
    • Ze dragen bij aan de stabiliteit van het bekken en de wervelkolom.
    • Ze kunnen de urinebuis en de anus openen en sluiten. Door bewust de spieren op te spannen, kunnen we voorkomen dat we ongewenst urine, stoelgang en windjes verliezen (incontinentieproblemen).
    • Ze hebben later ook een rol in de seksuele beleving.

    Bekkenbodemspieren zijn bewust en actief te gebruiken, ook bij kinderen. Veel kinderen zijn zich hiervan niet bewust of voelen dit niet. Stoornissen bij kinderen treden meestal op wanneer de bekkenbodemspieren te gespannen zijn of wanneer ze niet op de goede manier of op het juiste moment aanspannen of ontspannen. Soms voelen kinderen de signalen van de blaas niet goed. Zo kunnen kinderen een verkeerde manier van plassen en/of stoelgang maken ontwikkelen.

    Symptomen of klachten die daarbij horen zijn:

    • Urineverlies, natte broekjes
    • Blaasontstekingen
    • Heel vaak plassen
    • bedplassen
    • het verlies van stoelgang
    • windjes niet kunnen ophouden
    • moeilijk stoelgang maken (obstipatie)
    • moeite met uitplassen
    • pijn in de buik

    Bekkenbodemkinesitherapie of bekkenbodemreëducatie voor kinderen is gericht op een goede beheersing van de bekkenbodem. Op een speelse manier leren kinderen hoe we normalerwijze pipi en kaka doen. Ze leren voelen waar die bekkenbodemspieren liggen en hoe ze die kunnen gebruiken of controleren. En samen met een aangepaste houding en leefgewoonten (drankgebruik, eetgewoonten) kan je daarmee bekkenbodemklachten beperken, behandelen of zelfs vermijden.

    Ook voor en na operaties in de onderbuik is bekkenbodemreëducatie een belangrijk deel van de multidisciplinaire behandeling.

     

    Aandoeningen die kunnen behandeld worden met kinesitherapie:

    • Urinaire problemen
      • Nachtelijk bedplassen
      • urineverlies
      • chirurgische ingrepen
    • colo-proctologische problemen
      • stoelgansverlies incontinentie
      • moeite bij het maken van stoelgang (dyshezie en constipatie)
      • ophouden van stoelgang
      • ano-rectale pijnklachten
      • chirurgische ingrepen

     

    De kinesitherapeutische behandeling:

    • drankschema
    • plasschema
    • voedingsadvies
    • dag-nachtwekkers
    • aanleren van het op en ontspannen van de bekkenbodemspieren
    • elektrostimulatie
    • biofeedback
    • ballontherapie
    • massage
    • core stability

     

    Het voorschrift voor kinesitherapie

    18 sessies per jaar (code 560011) gevolgd, indien nodig, door Fa-lijst : 60 sessies per jaar (code 563010) bij aangeboren urogenitale afwijkingen.

    FAQ's

    • Worden deze behandelingen terugbetaald en hoeveel ongeveer als ik een voorschrift heb van een arts?

      De behandelingen op voorschrift van een arts worden terugbetaald door de mutualiteit.  Daar de toestand rond de conventie momenteel nog onzeker is, vraagt je best aan je therapeut zelf welke tarieven gelden.  Voor de terugbetaling neemt je best contact op met je mutualiteit

       

    • Hoe gaat de eerste consultatie in zijn werk, wat moet ik meebrengen, wat gaat er gebeuren?

      Tijdens de eerste sessie zal de bekkenbodemspecialist een uitgebreid vraaggesprek afnemen waarin je algemene gezondheid en je specifieke klachten besproken kunnen worden. Of basis van die informatie zal de kinesist je al een heleboel nuttige informatie kunnen geven. De kinesist zal je uitleggen hoe je bekkenbodem eruit ziet, hoe je bekkenbodemspieren en de organen in het kleine bekken werken en waar het bij jou eventueel misloopt. De kinesist zal zeker ook met jou bespreken hoe het verloop van de behandelingen eruit zal zien, welke onderzoeken eventueel gepland zouden kunnen worden en wat je thuis eventueel zou kunnen doen.

       

    • Wat mag ik verwachten van de behandelingen (zijn het turnoefeningen, gaat de kinesist mij vaginaal toucheren en waarom, worden er apparaten gebruikt, wat als ik de behandeling niet zie zitten,...)

      Bekkenbodemreëducatie is een specialisatie binnen de kinesitherapie, onder de tabs “info voor patiënten” kan je lezen welke kinesitherapeutische technieken er gebruikt zullen worden. De basis van kinesitherapie ligt steeds in “gezond bewegen”. Tijdens deze sessies zal je dit intieme deel van je lichaam beter leren beheersen en controleren. De kinesitherapeut zal steeds jouw tempo volgen, voldoende informatie geven en bespreken met jou welke (inwendige) onderzoeken je zelf ziet zitten.

       

    • Klopt het dat ik mijn de oefeningen ook moet blijven doen, als ik me zou laten opereren?

      De bekkenbodem bestaat uit spieren, ligamenten, pezen, bindweefsel en vaten en zenuwen. Vele van die structuren kunnen door veroudering slijtage oplopen. Ook de spieren kunnen door verminderd gebruik of veroudering kracht en efficiëntie verliezen. Daarom is het heel je leven lang aan te raden om deze spieren (de enige structuren die we actief kunnen verbeteren door oefeningen) goed te onderhouden.

     

    • Hoe kan ik checken of de kinesist die ik wil contacteren veel ervaring heeft, erkend, opgeleid en bijgeschoold is?

      De therapeuten op onze verwijslijst, volgen jaarlijks minstens 1 opleiding.  Als je via de zoekfunctie 'zoek een kinesist' een therapeut in je buurt zoekt, zal je bij sommige personen een gouden medaille voor hun naam zien staan.  Deze medaille betekent dat de therapeut 'de bijzondere bekwaamheid in de pelvische reëducatie en perinatale kinesitherapie' heeft bekomen.

     

    Praktische tips

    Neem altijd de tijd om naar het toilet te gaan. Je toiletbezoek is één van de weinige rustmomentjes op de dag…
    Hoe rustiger, hoe effectiever! Hoe beter uw blaas of darm geleegd is, hoe gezonder en hoe langer het duurt voordat u weer naar het toilet moet.

    In een gezonde volwassen blaas past normaal gesproken 300 tot 500 cc.
    Gemiddeld 6 tot 8 keer per dag plassen is normaal.

    Als je aandrang voelt om stoelgang te maken, kan je dit beter niet uitstellen.
    Wachten betekend vaak dat de aandrang verdwijnt en voorlopig niet meer terugkomt.
    Dat kan leiden tot verstopping, constipatie.

    Gemiddeld een halfuur na het eten van een (vetrijke) maaltijd schieten de darmen goed in gang.
    Vaak is dat het ideale moment om stoelgang te maken.

    Hoe je op het toilet gaat zitten, is erg belangrijk. Ga liefst goed naar achter op de bril zitten en niet op het voorste puntje of (nog erger) dat u boven de bril blijft hangen. Zorg dat uw voeten plat op de grond kunnen steunen. Bij kinderen of bij kleine volwassenen is het raadzaam een voetenbankje of bankje te gebruiken. Wanneer u alleen met uw tenen kunt steunen ontstaat er veel spierspanning in de benen en de bekkenbodem en zal het plassen en /of ontlasten bemoeilijkt worden. Als de knieën hoger staan dan de heupen, breng je het bekken, de bekkenbodemspieren en de endeldarm in de beste positie om gemakkelijk stoelgang te maken.

    Om te plassen ontspan je de bekkenbodemspieren en plas je in één keer rustig en volledig uit. Pers niet mee. Laat de blaas zelf het werk doen. Meepersen helpt niet, het kan zelfs de plasbuis een beetje dichtdrukken. Ga nooit “stippeltjes of streepjes plassen”, dit wordt ook wel eens “pipi-stop” genoemd. Dit is geen goede oefening en kan leiden tot het achterblijven van urine en daardoor tot urineweginfecties.

    Eet dagelijks voldoende vezels, zoals fruit en groeten, en drink anderhalve liter water om de stoelgang soepel te maken en onnodig persen te vermijden.

    Denk aan je houding tijdens zitten, staan en wandelen. Maak je groot. Een doorgezakte houding verhoogt de druk op je bekkenbodem.

    Probeer niet teveel zware gewichten te heffen en tillen, zeker niet na de bevalling.

    Adem steeds uit als je een zwaardere opdracht uitvoert. De adem inhouden verhoogt de druk in je buik en zet daardoor een overbodige druk naar de bekkenbodem.

    Laat je snel verzorgen als je een aandoening aan de luchtwegen oploopt. Hoesten veroorzaakt namelijk een sterke belasting op de bekkenbodem.

    Oefen dagelijks je bekkenbodemspieren: Je mag de spieren gerust 40 tot 60 maal per dag opspannen. Oefen de eerste keer liefst onder begeleiding van een gespecialiseerde bekkenbodemtherapeut. Je zou een binnenwaartse en een sluitbeweging moeten voelen. Adem rustig door tijdens de oefeningen en laat ook je benen en buik rusten. Ze moeten niet meewerken tijdens deze oefening.

    Blijf je bekkenbodemspieroefeningen drie tot zes maanden na de bevalling dagelijks volhouden en herhaal ze liefst je hele leven lang af en toe eens